Navigatie overslaan

Tagarchief: Black Sabbath

In 1983 heb ik optredens gezien van drie van de meest legendarische punk/hardcore bands aller tijden: Black Flag, Bad Brains en M.D.C. Deze drie concerten waren zonder enige twijfel de hoogtepunten in mijn leven als bezoeker van optredens. Nu kom je gemakkelijker onder de indruk van een uitvoering als je nog jong bent, maar bij deze optredens gebeurde er meer dan een band die een goede, gepassioneerde set speelde. Er was een onmiskenbaar een soort magie aanwezig.  Een magie die de bezoekers van deze optredens verleidde tot gedrag dat verder ging dan bewondering voor rocksterren, verder dan vooraan bij het podium los gaan in de pit. Bij deze optredens heb ik mensen gezien die terug keerden naar een soort oerdrift. Mensen in al hun glorie en tegelijk in al hun lelijkheid. Mensen die al hun demonen op de andere aanwezigen, maar ook op zichzelf, los lieten. En ik voelde die drift zelf ook; een bijna onbeschrijfelijke opwinding die een kracht opriep die maakte dat je het een uur of langer in de slampit volhield om op andere lichamen in te beuken, die je aanzette op speakertorens te klimmen en je met doodsverachting in de massa te storten. Die je mee deed brullen en als je de tekst van bepaalde nummers niet kende oerkreten deed slaken totdat je stem kapot was. Een kracht die zorgde dat alle lichamelijke en geestelijke pijn tijdelijk vergeten werd. Tot de volgende morgen natuurlijk, want dan voelde je de blauwe plekken, kneuzingen, missende tanden en gebroken botten wel degelijk. Maar ook op zo’n moment kon je niet anders dan je levend voelen. Levend op een manier waar al die miljarden, voorzichtig door het leven manoeuvrerende squares  niet eens aan durfden denken.

Black Flag in Paradiso Deel 2

We waren wat verder het balkon van Paradiso opgelopen om een beter uitzicht op het podium te krijgen. Dichterbij het podium betekende verder van de bar, dus niet iedereen van ons groepje ging met ons mee. Bier kon me die avond echter geen moer schelen. Ik wilde deze avond blijven herinneren en ik had sowieso geen geld genoeg bij me om het op een zuipen te zetten, dus dat hielp me bij mijn voornemen te blijven. Al mijn zintuigen stonden op scherp en dat veroorzaakte een natuurlijke high. Ik had genoeg aan de informatie die mijn ogen en oren op mijn brein afvuurden; een eindeloze stroom indrukken.  Je voelde de opwinding  uit elke porie van de bezoekers stromen. Normaal zag je bij optredens altijd mensen die out in een hoekje lagen; stomdronken of te stoned van de  hasj of heroïne. Deze avond was daarop een uitzondering; niemand in de zaal zag er onbewogen uit of speelde de rol van de coole punk die alles al gezien en meegemaakt had. Iedereen was alert en liep met ogen als schoteltjes rond. Natuurlijk stonden veel bezoekers stijf van de speed, maar daar kon het niet alleen aan liggen. Er hing iets in de lucht, iets dat op het punt stond te ontploffen. En de avond was nog niet eens echt begonnen. Dit was zo’n moment waarop je de sterke illusie kreeg dat als de kracht van deze groep mensen in een bepaalde richting geduwd zou worden er morgen een revolutie plaats kon vinden. Een illusie die nooit langer duurde dan het concert, maar toch…

Eindelijk was er beweging op het podium te zien. Een paar roadies checkten de installatie voor de laatste keer en er kwamen vijf man het podium op lopen. Allemaal langharigen. Als op commando verstomde het geroezemoes. Er heerste een paar seconde absolute stilte. De zanger van de band had lange blonde krullen onder een witte baseball cap. Hij liep naar de microfoon en brulde: Amsterdam, are you ready to rock? En dan met zo’n typische hoge metalstem. Het publiek bevroor. Een typische rock riff werd de zaal in geslingerd gevolgd door nog zo’n hoge krijs.

Hoe kwamen die yanks er in godsnaam bij dat we hier bijeen waren om van die kutrock te horen? Voordat het publiek zich wist te herpakken, zag ik dezelfde groep skinheads die die Duitse hippies de zaal uit hadden gezet, richting het podium stormen. Het eerste nummer van de band was net afgelopen toen de skins het podium bereikten en erop klommen. De zanger had zich net naar zijn band omgedraaid, wachtend op de inzet van het tweede nummer, toen er  een skinhead achter hem stond die de microfoonstandaard pakte en het in de richting van zijn hoofd mepte. Ik kon niet zien of hij echt geraakt werd, maar de band begreep de boodschap en ze waren in één tel verdwenen. De skinhead stond triomfantelijk met de standaard in zijn hand en met een microfoon tot zijn beschikking. Hij begon Fuck the USA te scanderen totdat de geluidsman de mic uitschakelde. Het zag er even naar uit dat die skins het podium de rest van de avond zouden blijven bezetten en ik vreesde dat dit zou betekenen dat de rest van de avond afgelast zou worden. Uiteindelijk werden ze met veel praten door de crew van Black Flag, en onder dreiging van de grote meerderheid van het publiek, dat hier toch echt voor Black Flag was gekomen, en niet om een stel kale kankerlijers voor de zoveelste keer het plezier te laten vergallen, met zachte hand van het podium verwijderd. Daarna duurde het nog bijna een half uur voordat The Minutemen opkwamen. Die moesten waarschijnlijk even moed verzamelen.

Ik ging even naar de plee en onderweg kwam ik Kikker tegen. Hij vertelde dat hij backstage was geweest en vertelde me een onwijs verhaal. Die eerste band bestond uit Roadies van Black Flag en ze hadden voordat ze het podium opkwamen allemaal een pruik op gedaan. Het optreden was bedoeld geweest als één grote grap, en dat eerste nummer had expres zo metal geklonken. Je kon het natuurlijk aan de aanwezige skinheads overlaten om de humor ervan niet in te zien, maar deze band liet zien dat ze schijt aan de vooroordelen over de USA hadden. Vooroordelen die destijds nog welig tierden, want op The Dead Kennedys na was hardcore nog totaal onbekend en we moesten het destijds vooral met die tweederangs Oi rommel uit Engeland doen. Dat de eerste punkgolf uit de UK fantastisch was geweest stond buiten kijf. We waren allemaal punk geworden omdat we naar The Sex Pistols, The Clash, 999 en Stiff Litte Fingers luisterden, maar er waren maar weinig van dat soort bands over. The Pistols bestonden niet meer en The Clash waren wel erg commercieel geworden. Hun plaats was ingenomen door bands die het in vergelijking muzikaal en tekstueel meestal niet haalden. Van die afgerukte drie akkoorden punk met semi stoere skinhead geouwehoer als teksten. Allemaal over working class dit en working class dat. Niemand van ons werkte in die tijd, dus dat soort teksten sloegen als een tang op een varken. Er waren natuurlijk wel goede bands die uit Engeland kwamen, maar een band als Crass was zijn momentum kwijt geraakt. Die waren, net als de Rondo’s in Rotterdam, een beetje te ver afgedwaald in politieke statements. Eigenlijk waren het in Engeland alleen Discharge, G.B.H en The Exploited die het vaandel nog hoog hielden. (OKÉ je had ook nog  The Subhumans, The Damned, The Partisans, Vice Squad, Blitz, Zoundz, Conflict, UK Subs, The Addicts, Anti Nowhere League, Cockney Rejects, Rubella Ballet, Toy Dolls etc, maar je snapt wat ik bedoel). Het was verfrissend en dapper dat die rare Amerikanen de vinger op de zere plek durfden te leggen. Het zou nog meer dan 5 jaar duren voordat punkbands invloeden van metal bands als Black Sabbath als invloed zouden gaan gebruiken en daarmee de scene zouden revitaliseren. Deze gasten liepen daar ver op vooruit; misschien een beetje té ver, maar alla…

Ik liep het toilet in en werd verrast door een flitslicht van een camera. Een punker, die net als ik een hanenkam had, stond er te poseren voor een fotograaf. Ik schonk er weinig aandacht aan. Maar toen ik stond te pissen bedacht ik me wel dat als ik zelf fotograaf was geweest, ik de wilde dieren liever in hun natuurlijke omgeving zou fotograferen, in plaats van ze op een toilet te laten poseren. Wat een flauwe kul was dit. Je hoefde in de zaal eigenlijk alleen je camera in de aanslag te houden en dan kon je elke minuut hele rollen vol schieten met de meest bizarre taferelen. Er liepen prachtige meiden rond, maar die gast stond op het herentoilet, dus die die miste hij alvast. In elke hoek van Paradiso werden situaties uitgespeeld waar je mini documentaires over zou kunnen draaien. Je kon vanaf het balkon overzicht foto’s van de slampit maken die iedereen die nog nooit eerder een punkoptreden had gezien zou verbazen. Die fotograaf was misschien bang dat hij gemolesteerd zou worden als hij in de zaal zonder toestemming punkers zou fotograferen. Maar als je bang bent voor leeuwen moet je de bush bush niet in gaan. Natuurlijk lukte het niet om de plee uit te sneaken zonder dat de fotograaf me aansprak en vroeg of ik ook voor hem wilde poseren. Ik vroeg hem waarom dat zo nodig moest, en hij legde uit dat hij met een boek met portretten van bezoekers van Paradiso bezig was. Ik wenste hem veel succes maar bedankte voor de eer, al moet ik toegeven dat ik later spijt kreeg toen ik het boek genaamd Paradiso stills te zien kreeg en bleek dat bijna al mijn vrienden wél geposeerd hadden.

Ik bekeek het optreden van The Minutemen met gemengde gevoelens. Ik was het met Kikker eens dat het een fantastische band was. Een voorbeeld van een band die een eigen stijl had waar geen spoor van traditionele rock ‘n roll in te herkennen was. Soms klonken ze zelfs gewoonweg funky. De nummers van The Minutemen waren ook echt niet langer dan een minuut dus ze deden hun naam eer aan. Ze speelden alleen op de verkeerde tijd en de verkeerde plaats. De spanning  in de zaal liep snel op en niemand had geduld genoeg om The Minutemen de aandacht te geven die ze verdienden. Ik beloofde mezelf op zoek te gaan naar platen van deze band maar verder wilde ik op dat moment alleen dat Black Flag zou beginnen, want er moest snel iets gebeuren voordat de boel voortijdig uit elkaar zou knallen. De zanger zette een nummer in dat me meteen bijbleef: paranoid chant. Dit nummer zei het allemaal, ondanks de verkeerde plaats en tijd; Paranoid, scared shitless. De zanger kon niet anders dan deze tekst uit de grond van zijn hart te menen. The Minutemen speelde hun hele set en lieten zich verder niet van de wijs brengen al braken er hier en daar vechtpartijen uit in het publiek.

Black Flag zag gelukkig in dat het zaak was om de show zo snel mogelijk na The Minutemen te laten beginnen. De kans was groot dat er een enorme vechtpartij zou ontstaan als de show nog lang op zich zou laten wachten.  Je wilt als band niet dat zalen weigeren je uit te betalen, omdat je band niet heeft kunnen optreden door ongeregeldheden in de zaal. Bands als Black Flag hadden waarschijnlijk maanden moeten sparen om deze tour te laten doorgaan. Ze kregen geen toursupport van hun label, want hun label dat waren ze zelf. Misschien dat Roadrunner als distributeur wat bij had gelegd, al stonden distributeurs daar ook niet om bekend. Nee, de show moest koste wat kost doorgaan, zelfs nu de kans groot was dat de bandleden zelf er ook niet ongeschonden vanaf zou komen. Ik twijfelde even of ik alsnog naar beneden zou gaan om het optreden vanuit de pit te beleven, maar uiteindelijk besloot ik toch maar boven op het balkon te blijven. Vanuit de pit zou het erg moeilijk worden om de band in actie te zien en ik wilde geen seconde missen. 5 bandleden tegen achthonderd man publiek waarvan een groot gedeelte vooral was gekomen om deze yanks op hun bek te zien gaan.

Het zaallicht ging uit en het publiek brulde als een getergde meute stieren. Eindelijk! Een hevige feedback van een gitaar scheurde door de zaal gevolgd door de beginakkoorden van Damaged 2. Meteen had ik spijt dat ik niet beneden stond, want een golf van intense opwinding trok door mijn lijf die ik, als ik beneden had gestaan, in beweging om had kunnen zetten. Nu stond ik tegen de balustrade tussen mijn vrienden waaronder een boel meisjes en moest ik me inhouden. Whraaaah!!! Het licht ging weer aan vlak voor het moment dat de rest van de band in moest vallen. Ik had nog nooit een band op deze manier zien klaar staan. Ze stonden allemaal stokstijf in een verkrampte houding waaraan je kon zien dat ze de spanning in hun lijf tot een maximum aan het opvoeren waren voordat ze volledig los zouden gaan. Goddamn, die pose alleen al was het waard geweest om naar Amsterdam af te reizen. Niet alleen het nummer brak los; de hele zaal explodeerde. Damaged by you, Damaged by me, I’m confused, confused, don’t wanna be confused. Ik had niet eens door dat ik mee aan het brullen was. De manier waarop deze band bewoog was fenomenaal, nog nooit had ik een punkband gezien die de kracht van hun muziek extra aan wist te zetten door bijna simultaan met elkaar te bewegen. Als zeewier dat door een krachtige branding heen en weer beweegt. Dit was California; dit waren surfers!

Het eerste dat me aan Henry Rollins opviel was dat hij zijn haar had laten groeien. Hij was skinhead af. Dat zouden de kaalkoppen in het publiek hem niet in dank afnemen. Dat deze band uit de USA kwam was voor hen een gotspe, maar het feit dat Rollins ook een skinhead was gaf de band nog het voordeel van de twijfel. Het laatste restje goodwill bij de aanwezige skinheads werd vernietigd doordat Dez Cadena, de tweede gitarist echt lang haar had en Chuck Dukowski, de bassist en Greg Ginn, de lead gitarist haar hadden dat al richting Ramones lengte aan het groeien was. Zelfs de drummer was niet meer kaal en toen ik later goed keek zag ik dat het Robo ook niet kon zijn. Achteraf was het Bill Stevenson van the Descendents die Robo al een tijdje verving. Ik kwam er pas jaren later achter dat Robo, al tijdens de eerste Black Flag tour door de UK in 1981, op de terugweg een illegaal in de USA verblijvende Colombiaan bleek te zijn en de USA niet meer binnen was gekomen.  Het kostte Robo een jaar om zijn weg naar de USA weer terug te vinden. Later drumde hij bij The Misfits op hun beste plaat: Earth A.D. Dat alles wist ik pas nadat ik ‘Get in the Van’ van Henry Rollins had gelezen (een verslag van Henry’s tijd bij Black Flag en een van de beste boeken over punk ooit geschreven). Destijds bereikte dat soort informatie je gewoon niet, of heel langzaam en via een miljoen omwegen.

Ik keek vanaf het balkon van Paradiso naar de pit en was tegelijk teleurgesteld en blij dat ik niet tussen de voorste rijen stond. No way dat ik de band vanaf die plek zo goed had kunnen bestuderen, maar tegelijk mistte ik de actie. De sport was om te proberen op het podium te komen en daar zo lang mogelijk te blijven springen. Je kon ook proberen een microfoon te pakken te krijgen en met de band meebrullen, maar er was maar één mic op het podium aanwezig en die had het beest van een Rollins in zijn hand.  Ik zag Rotterdams meisje die ik kende, een echte stoere, het podium door een stel gasten het podium op geduwd worden. Ze stond nog maar net weer op haar benen toen ze door Rollins in een heupzwaai werd genomen en met een ruime boog weer terug in het publiek werd gesmeten. De boodschap was duidelijk; don’t fuck with Henry, don’t invade his space. Iedereen die daarna het podium beklom deed dat alleen om zo snel mogelijk weer in de pit te springen. Het frustreerde me enorm dat ik die enorme energie, die door de band werd afgevuurd, en die ik nu door mijn donder gejaagd kreeg niet in de pit kwijt kon. Ik voelde de noodzaak om zo hard mogelijk tegen de lijven van andere punks te springen, tegelijk voor mijn eigen lijfsbehoud vechtend en met alle macht op mijn benen proberen te blijven staan. Bij een val was de kans niet bepaald denkbeeldig dat  je,  tenzij je snel door een medeslammer op de been werd geholpen, bedolven werd  door tien lagen lichamen en volledig gemangeld werd. Vergeleken met slamdancin’ is Rugby een sport voor mietjes. Ik wist dat ik doordat ik nu niet meedeed minstens een week zwaar opgefokt zou blijven. Dat betekende waarschijnlijk talloze ruzies op straat, omdat ik geen enkele opmerking van welke voorbijganger dan ook zou pikken, een vriendinnetje die mijn aanwezigheid niet meer zou trekken en dat veel van mijn huisraad deze week niet zou overleven.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 142 other followers

%d bloggers like this: