Navigatie overslaan

Tagarchief: hooligans

Ik ben een boek aan het schrijven dat zich afspeelt in de punk/krakers scène van de jaren tachtig. Het boek begint vorm te krijgen maar zoals gebruikelijk is vallen er nogal wat spaanders in het schrijfproces. Dit zijn op zich leuke stukjes maar ze passen niet (meer) in het totaalconcept van het boek.

Omdat ik het zonde vind om ze weg te gooien zet ik ze op mijn blog als een soort teasers voor het boek. Ik zou het heel leuk vinden om feedback te krijgen dus schroom niet je mening over deze kleine hoofdstukjes te geven. Enjoy…

Dit is het vijfde en laatste deel van Duisterland; een verslag van en reis naar Duitsland die plaats vond in 1982.

DUISTERLAND Deel 5 (slot)

Zwijgend zaten we in de trein die ons naar Dortmund zou brengen. De hippie punk kwam na een paar minuten weer bij en kotste meteen een hele coupé onder waardoor we door de geur gedwongen werden om een paar coupés verder te verhuizen. Niemand had zin om me te vertellen hoe lang de reis zou gaan duren en ik liet het er maar bij. Voorlopig was ik blij dat we even rustig konden bijkomen. Iedereen had moeite elkaar aan te kijken. De meeste van ons hadden zichzelf niet bepaald van hun dapperste en meest loyale kant laten zien. Na een poosje over de hele toestand nagedacht te hebben kwam ik tot de nuchtere conclusie dat we domweg geluk hadden gehad dat we er redelijk ongehavend afgekomen waren. Voor hetzelfde geld hadden we nu allemaal richting ziekenhuis of mortuarium gereden. En wat had iemand van ons nu helemaal aan deze situatie kunnen doen zodat de afloop anders geweest zou zijn? Ik vertelde Scherf mijn conclusie en die rat moest natuurlijk opmerken dat als ik iedereen die middag gewoon lekker had laten doorslapen we hoogstwaarschijnlijk hadden besloten dat hele optreden in Dortmund aan onze neus voorbij te laten gaan en had dit alles niet gebeurd. Dat was het einde gesprek wat mij betreft, maar hij bleef er maar over door zaniken. Een paar minuten later was ik het gezeik spuugzat. Ik ging, nadat ik het restje bier dat ik nog in mijn laatste blik had zitten over hem heen had gegooid, in de volgende coupé van de verder uitgestorven trein zitten.

Ik zat daar een beetje voor me uit te mokken totdat Dieter me gezelschap kwam houden. Hij was altijd al een behoorlijke babbelkous en ook nu begon hij tegen me aan te praten. Zoals zo vaak snapte ik veel van wat hij zei niet door zijn accent. Maar deze keer was hij niet te beroerd om dingen te herhalen als ik niet meteen snapte waar hij precies naartoe wou. Ondanks de enorme ellende die Wulf had veroorzaakt was het duidelijk dat Dieter hem op handen droeg. Hij vertelde dat Wulf deel uitmaakte van een groep punks die de The Black Mohawks genoemd werden. Dat waren 8 gasten die allemaal zoals de naam al deed vermoeden een zwarte hanenkam hadden. Een korte zoals in Taxidriver. Mijn eerste kam had er ook zo uitgezien, maar ik had geen zin om dat nu aan te halen. Dieter zijn verhaal klonk alsof hij het over een stel superhelden had en het klonk me allemaal erg onwaarschijnlijk in de oren. Het zou me niets verbazen als dit een soort wishful thinking was want The Black Mohawks waren volgens Dieter een soort elite eenheid binnen de punkscene. Ze waren alle acht kampioen in een of andere vechtsport. Wulf was een bokser maar andere Black Mohawks deden aan karate of kickboksen. Geen van allen dronken ze of gebruikten ze drugs. Ik had al eens wat vage verhalen over straight-edge gehoord; een Amerikaanse punkbeweging die zich tegen het gebruik van alcohol en drugs gekeerd had. Maar dat waren allemaal heel jonge kids die in hun land van herkomst niet eens mochten drinken bij concerten. The Black Mohawks waren allemaal sportlui en old school punks. Gasten die altijd voor elkaar opkwamen en erom bekend stonden het tegen hele groepen Hooligans, nazi’s en zelfs de politie op te nemen. Het klonk als een mooie mythe; eerst zien dan geloven. Er waren waar wij vandaan kwamen ook punks die van mening waren dat de hele scene een meer besloten club moest worden, georganiseerd zoals bikers dat deden. Met ballotage en proefperiodes om alle softies erbuiten te kunnen houden. Wat een bullshit was dat; punks werden vanzelf harder door al het onvermijdelijke gezeik dat ons uiterlijk en de levensstijl teweeg bracht. Ik kende zoveel gasten die al na een paar maanden afgehaakt waren en nog meer die ondanks dat ze de muziekstijl en de filosofie achter de beweging wel zagen zitten er nooit toe aangezet konden worden om echt geflept over straat te gaan lopen met leer, studs, spikes of kammen. Een elitaire beweging van punk maken zou alleen averechts werken. Ik had ook een schijthekel aan bikers met hun uberstoere gedrag en kutmotoren. Grote gasten die kleine jochies in elkaar sloegen. Fuck ‘m.

Intussen had de trein de buitenwijken van Dortmund bereikt. Pas toen er opeens een conducteur in onze coupé stond besefte ik dat we helemaal geen treinkaartje hadden gekocht. Totaal vergeten in de hectiek op het station van Gladbeck. Dieter probeerde de conducteur de situatie uit te leggen maar we hadden hier met de zoveelste regelneuker te maken, de man was niet onder de indruk van ons verhaal te krijgen. Hij begon een boete uit te schrijven. Ik besefte dat dit allemaal wel even kon gaan duren en we reden Dortmund al bijna binnen.

Ik keek vanuit de deur van de coupé en zag dat een tweede conducteur al bezig was om de rest van onze ploeg in de andere coupé op de bon te slingeren. Natuurlijk had niemand van ons de honderd mark boete die er op zwartrijden stond bij zich, en niemand had een identiteitsbewijs. Regels zijn regels dus begon de conducteur, die bij de andere coupé stond, de spoorwegpolitie op te roepen zodat ze ons op het eerst volgende station konden inrekenen. Ik was benieuwd wat er zou gebeuren als de trein in Dortmund ging stoppen. Ik was er wel voor om die twee sukkels van conducteurs met wat gepast geweld omver te lopen en uit de trein te breken. Maar het liep allemaal iets anders. De trein reed Dortmund binnen en het eerste wat we zagen toen het perron langszij kwam was het hele station zwart zag van de voetbalsupporters. Ik hoopte nog even dat ze daar stonden omdat ze met de trein naar huis wilden gaan. Maar ik onderschatte de graad van de organisatie bij de Schalke 04 fans.

De conducteurs zagen de enorme aantallen supporters natuurlijk ook en maakten snel de inschatting dat gezien de dreiging die er van deze groep uit ging het een beter idee was om voorlopig de deuren van de trein dicht te houden. De supporters verdrongen zich voor de deuren van de trein en bekeken van buiten af elke coupé. Toen ze ons groepje zagen zitten barsten ze in een oorverdovend geschreeuw uit. Ze waren duidelijk gericht naar ons op zoek. De tamtam had snel en efficiënt gewerkt vanuit Gladbeck. Waarschijnlijk waren er wat telefoontjes heen en weer gepleegd en waren deze lui allemaal opgetrommeld. Het waren er goddomme honderden!

De paniek sloeg nu pas echt goed toe bij ons groepje. Ook de conducteurs werden allebei lijkbleek van het machtsvertoon van de Hooligans en overlegden met elkaar wat ze het best konden doen. Ze keken naar ons en ik zag ze denken dat het misschien beter was om ons aan de Hooligans over te dragen. Het was natuurlijk niet hun probleem dat wij door die gasten gezocht werden. Peter zag ook aankomen dat de deuren straks geopend werden. Er werd ook al van buiten verwoede pogingen ondernomen om de deuren open te krijgen. Knuppels kletterden tegen alle ruiten van de trein. Het kon nooit lang meer duren voordat een ruit het zou begeven en er een vloedgolf van Hooligans de trein binnen zou komen. Hij bood de conducteurs schreeuwend een alternatief: wegwezen hier! ‘Laat de machinist de trein in beweging krijgen’.

De conducteurs keken elkaar aan en één van de twee begon in zijn portofoon te schreeuwen. Nog geen drie seconden later, terwijl de ruit van onze coupé het begaf en het veiligheidsglas op Dieter en mij neerhagelde, kwam de trein tergend langzaam in beweging. Ik zag een Hooligan door de kapot geslagen raam van de coupé probeerde omhoog te klimmen. Hij zag een scherp stuk achtergebleven ruit over het hoofd dat dwars door zijn hand stak. Een golf bloed spoot door de coupé en landde vlak naast mijn hoofd op de rugleuning van de treinbank. Nog meer ruiten sneuvelden maar de trein had nu in ieder geval een snelheid bereikt die voorkwam dat er meer Hooligans naar binnen konden proberen te klimmen.

We waren andermaal op het nippertje ontkomen.

Natuurlijk pikte de spoorwegpolitie ons alsnog op het volgende station op. We werden meer voor onze eigen veiligheid dan vanwege de ontbrekende kaartjes de rest van de nacht vastgehouden op een station waarvan ik niet eens wist bij welk kutstadje het hoorde. Scherf en ik zaten bij elkaar in een cel. De hele nacht werden we door een van de agenten op de hoogte gehouden van de enorme vechtpartij die er in de straat woedde waar het concert waar wij naar op weg waren geweest georganiseerd was . Honderden Hooligans waren slaags geraakt met enige tientallen punks. De politie had uiteindelijk alle punks die niet het ziekenhuis in waren geslagen ‘ter bescherming’ in bewaring gezet.

De volgende morgen kregen Scherf en ik, nadat onze identiteit via de telex was vastgesteld, een tijdelijk reisdocument en werden we zonder dat we de anderen nog zagen naar de Nederlandse grens gebracht en daar aan de douane overgedragen. Die lieten ons meteen weer gaan zodat we ons vier uur later eindelijk in ons eigen bed konden storten.

De spullen die Scherf en ik in Duitsland achter hadden gelaten werden een week later door Dieter, Trudie en Katja naar Rotterdam gebracht. We hebben ze een week lang van de onvervalste Nederlandse vrijheid laten genieten.

Ik ben een boek aan het schrijven dat zich afspeelt in de punk/krakers scène van de jaren tachtig. Het boek begint vorm te krijgen maar zoals gebruikelijk is vallen er nogal wat spaanders in het schrijfproces. Dit zijn op zich leuke stukjes maar ze passen niet (meer) in het totaalconcept van het boek.

Omdat ik het zonde vind om ze weg te gooien zet ik ze op mijn blog als een soort teasers voor het boek. Ik zou het heel leuk vinden om feedback te krijgen dus schroom niet je mening over deze kleine hoofdstukjes te geven. Enjoy…

Dit is alweer het vierde deel van een verslag over een reis naar Duitsland die plaats vond in 1982. Er volgt nog afsluitend vijfde deel.

DUISTERLAND Deel 4

Om het station van Gladbeck te bereiken moesten we door de binnenstad lopen. Ik bereidde me al voor op eenzelfde helletocht als de dag ervoor met voorbijgangers die ons dood staarden en scheldpartijen, maar er was werkelijk geen kip op straat te bekennen. Ik vroeg Peter of de hele stad misschien in de kerk zat en hij antwoordde “in der Kirche oder im Fußball.” Ik was even vergeten dat we de matjes ook heel de dag niet hadden gezien omdat ze naar Schalke 04 gegaan waren. Beter, want de straat was nu van ons en voordat we er erg in hadden waren Scherf en ik gebroederlijk omarmt Anarchy in the UK aan het zingen met nadruk op “I wanna destroy passersby”. Ik geef toe dat het een beetje flauw was omdat er geen voorbijganger te bekennen was, maar we waren nog altijd knetterstoned van die Israëlische bong en in een goed humeur door het vooruitzicht van het concert in Dortmund.

Peter en de anderen bleven echter opvallend stil. Groepjes punks en skins op weg naar een concert zijn normaal gesproken tamelijk luidruchtig maar deze groep was een uitzondering. Het viel me op dat een van de skins vooruit liep en bij elke straathoek voorzichtig om de hoek keek en bijna ongemerkt en knik naar de rest van de groep gaf voordat we de hoek omtrokken. Ik was dat paranoïde gezeik opeens spuugzat en trok Scherf mee naar voren zodat we de kop van de groep vormden. Vanaf nu gingen we elke hoek gewoon normaal voorbij. Onze hasj was bij Peter thuis achter gebleven dus de bullen konden ons niks maken en alle ouwe nazi’s konden wat ons betreft ter plekke dood vallen; schluss damit! En we dronken al een tijdje onze stonedheid weg met halve liters bier die nu toch wel steeds lekkerder begonnen te smaken. Er komt een moment dat je schijt krijgt aan alle opgelegde angst. Maar helaas gebeurt dat vaak op een totaal verkeerd moment.

Het station kwam in zicht, het was nog ongeveer 500 meter lopen over de brede boulevard die uitmondde in de parkeerplaats voor het station. Er was nog steeds niemand te bekennen. Normaal gesproken is een treinstation een plek in de stad waar altijd mensen te vinden zijn. Hier was het, net als bij onze aankomst, doodstil. Scherf en ik waren nog steeds aan het zingen en waren beland bij een nummer van Tenpole Tudor genaamd ‘Wunderbar’. Dat nummer had in ons land nog de top tien bereikt en ik wilde onze Duitse vrienden net vragen of dat nummer hier ook in de hitlijsten had gestaan toen Peter en de andere punks en skins ons plotseling als gekken voorbij stoven richting het station. Verbaasd stopten we met zingen waardoor we door kregen dat er nogal wat rumoer achter ons klonk. Ik keek om en zag een enorme groep gasten op ons af rennen. Die hadden duidelijk geen goede bedoelingen. Ze droegen de knuppels en gooiden stenen naar ons. Het was een groep voetbalsupporters; aan de Schalke 04 shirtjes en shawls die ze droegen te zien. We waren nog maar net buiten het bereik van dat bombardement van stenen. Ik zocht oogcontact met Scherf maar die was al weg en ik zette het dus ook op een rennen. Ik rende veel sneller dan Scherf en ik haalde hem binnen vijf seconden in. What de fuck was dit nou weer?

We bereikten de stationshal met nog geen 30 meter voorsprong maar vlak voordat ik de deur van de stationhal bereikte voelde ik een stuk steen vlak onder mijn nek mijn jas raken. Gelukkig had ik zoals altijd een dikke leren jas vol studs aan dus het leer zorgde samen met het ijzerbeslag dat het bij schrikken bleef. In de hal waren de punks en skins wanhopig op zoek naar materiaal om zich mee te verdedigen, maar er lag niet veel waarmee je een aanval met knuppels en stenen kon afweren. De ruiten van het station waren bestand tegen de stenenregen maar alleen al het geluid dat deze hagel maakte was genoeg om te beseffen dat we van geluk mochten gaan spreken als we dit gingen overleven.

Ik snapte niet waarom we de gang naar de perrons niet opzochten maar in de hal bleven. Ik herinnerde me wel dat het station geen achteruitgang had maar het leek me toch verstandiger om niet in de hal te blijven. Maar de reden dat we in de hal bleven werd snel duidelijk toen de hooligans op ruime afstand van het station bleven staan. Ik vroeg me af hoe Peter en de andere Duitsers wisten dat die supporters de hal niet in zouden komen. Ik vond een steen die door de deur van het station naar binnen was geworpen; beter iets dan niets.

Zo stonden we een tijdje naar onze tegenstanders te kijken totdat een kleine afvaardiging van een man of tien de hal in liep. Onze Duitse vrienden trokken zich tot vlakbij de gang naar de perrons terug maar Scherf, die door deze openlijke bedreiging blijkbaar bevangen werd door een vreemd soort doodsverachting, liep op het groepje af en begon in het Nederlands tegen ze uit te varen. Wat houden wij nou gedaan dat we een dergelijke behandeling verdienden? Ik was even bang dat hij die gasten aan zou vliegen en hield hem vast bij zijn broekriem. Scherf was van Scooby Doo in Scrappy Doo veranderd, en leek daar een wel erg ongelukkig moment voor uitgekozen te hebben. Maar een klein wonder geschiedde want een van de Schalke 04 supporters maakte zich los van zijn groepje en antwoordde ons in zuiver Nederlands. Die gozer was een kop kleiner dan Scherf en niet echt breed maar hij had de houding van een vechtersbaas en had een air van natuurlijke autoriteit over zich. Hij maande Scherf eerst tot kalmte door zijn rechterhand op zijn borst en linkerhand op zijn mond te leggen. Hij deed dat heel gecontroleerd. ‘Jullie zijn Hollanders?’ vroeg hij. “We beaamden dat en hij ze dat we in dat geval hier niets mee te maken hadden en dat ze ons zouden laten gaan. Ik keek naar de menigte buiten; ten eerste ging ik daar echt niet doorheen lopen alleen omdat deze jongen zei dat ze ons ongedeerd door zouden laten, en ten tweede zag ik het ook niet zitten om onze Duitse vrienden te verraden door me op een laffe manier aan alles te onttrekken.

Er viel wat spanning bij me weg nu er in ieder geval een poging tot praten op gang kwam, dus probeerde ik meer te weten te komen over eventuele redenen voor deze aanval. Waren ze gewoon op punkersjacht of zat er meer achter? De Hooligan begon uit te leggen waarom ze ons moesten hebben; gisteren had een groepje van vier Schalke fans ruzie gekregen met een punker maar ondanks de numerieke meerderheid had deze punk ze alle vier het ziekenhuis in geslagen. De tamtam had zijn werk gedaan onder de supporters en nu werd er in het hele gebied dat door Schalke hooligans werd gedomineerd jacht op punks gemaakt. Wij moesten allemaal boeten, niet alleen omdat er gewonden gevallen waren maar vooral omdat de schande dat vier hooligans door één punk tot moes geslagen waren beantwoord moest worden. Het kon niet zo zijn dat andere supportersgroepen hoorden dat Schalke fans zich op die manier door een punk lieten behandelen. Maar omdat wij Hollanders waren stond hij in voor onze veiligheid en herhaalde hij dat wij naar buiten mochten en hij ons door de groep supporters heen zou loodsen. Scherf maakte al aanstalten om naar buiten te lopen maar ik hield hem tegen en vertelde de Hooligan dat we hoe dan ook eerst met onze Duitse vrienden wilden overleggen.

Ik sleepte Scherf met me mee naar achteren en begon onderweg naar onze vrienden die op een kluitje achter in de hal stonden te bibberen eerst tegen Scherf aan te praten. Of hij die gozer werkelijk geloofde met zijn praatjes dat we onbeschadigd langs die Hooligans gingen komen? Scherf vond dat we het risico moesten nemen maar ik vertrouwde het zaakje voor geen cent. Voor hetzelfde geld was het een val. Die gast zou er best eens op uit kunnen zijn om zijn mede hooligans te laten zien dat punkers elkaar niet onvoorwaardelijk steunen als ze bedreigd worden. En wilde Scherf ook nog het risico lopen dat niet iedereen in de menigte de autoriteit van deze ene Hooligan accepteerde? Deze woorden veranderden Scherf zijn inzicht op de situatie in ieder geval. Het nadeel was wel dat hij weer in zijn Scooby rol schoot en begon te jammeren dat hij genoeg had van dit kutland en al het gezeik hier. Ik gaf hem een por in zijn ribben en beet hem toe dat hij zijn muil moest houden omdat ouwe wijven praat nu niet zou helpen. Scherf trilde over zijn hele lijf en zijn angst begon me aan te steken dus liep ik maar vooruit naar onze vrienden en legde ze de situatie uit.

De hippie punk had over het voorval met die vechtpartij van gisteren gehoord en vertelde mij dat de punker die ze hadden proberen te pakken een bokskampioen was. Geen wonder dat hij alle vier die Hooligans zo te grazen had genomen. De punker in kwestie heette Wulf. Hij was onmiddellijk na de vechtpartij gearresteerd en zat vast op het politiebureau in Gelsenkirchen.

De gedachte dat een punker vier van die klootzakken het ziekenhuis in had geslagen deed me trouwens echt goed. Voorlopig stond het mooi nog 4-0 voor ons.

Ik informeerde naar de reden waarom die supporters de stationshal niet gewoon bestormden en Peter wees naar een politiebusje dat op de parkeerplaats achter de hooligans gepositioneerd was. Hij mompelde vlug iets over een gebiedsverbod dat voetbalsupporters hier hadden en liet het daarbij. Dieter had intussen de aankomsttijden van de treinen gecheckt en vertelde dat er over tien minuten een trein vanaf spoor 2 vertrok. Met een beetje geluk zouden de Hooligans zich nog tot die tijd inhouden en het gebiedsverbod respecteren. We renden allemaal richting het perron. Ik bedacht me dat het eigenlijk slimmer was om te zorgen dat een paar van ons vanuit de hal zichtbaar zouden blijven voor het groepje, dat was komen onderhandelen, maar toen ik de hal in keek waren die gasten al naar buiten verdwenen. De grote groep stond echter nog steeds op het plein en zo te zien zouden die ook echt niet zomaar weg gaan. De trein nemen was dus de enige optie die nog open lag.

Ik kwam als laatste het perron op en daar begon de langste tien minuten die ik met mijn 18 jaar had meegemaakt. Daar stonden we op hetzelfde perron als waar Scherf en ik twee dagen eerder in Gladbeck aangekomen waren. De trein die we gingen nemen ging dieper Duitsland in en ik bedacht me dat als hij richting Nederlandse grens was gegaan ik de verleiding om met achterlating van wat spulletjes en hasj meteen terug naar Rotterdam te rijden niet zou hebben weerstaan. Ik bestudeerde het aankomstbord van de treinen en zag dat er na de trein richting Dortmund pas een uur later vanaf perron 1 een trein richting Nederland vertrok. Leve de dienstregeling op zondag. Daar konden we dus niet op wachten en de tunnel weer inlopen in de richting van de wachtende Hooligans kwam trouwens sowieso ook nicht im frage.

Heel even dachten we dat we het wel zouden redden maar alle hoop daarop vervloog toen ik het hoofd van de Nederlandse hooligan uit het trapgat omhoog zag komen. Hij werd door maar zes van zijn makkers gevolgd. Als ze om te knokken kwamen gingen ze wel een eerlijk gevecht aan; één tegen één. Maar deze lui waren getrainde vechthonden en ik gaf geen cent voor onze kansen, en zelfs als we deze zeven te grazen hadden kunnen nemen stonden er buiten op het plein nog meer dan voldoende versterkingen. Dit zouden we gaan verliezen.

Maar voorlopig deden ze eerst nog een poging om te praten. De Hooligan sprak deze keer met Peter. Hij maakte duidelijk dat hij wilde weten wie de punker van de vechtpartij van gisteren was. Blijkbaar waren de Hooligans daar nog niet van op de hoogte. De hippie punk bemoeide zich ermee en zei tot mijn verbazing dat hij de vechtpartij had gezien. Dat was ongeveer het domste wat hij kon doen. De Nederlander schopte hem meteen met een krachtige zwaai van zijn been onderuit en begon op hem in te trappen, al gauw gevolgd door twee andere hooligans. Hij schreeuwde dat de hippie in had moeten grijpen en de hooligans uit de klauwen van die punk had moeten redden. Een tamelijk onredelijke veronderstelling. De rest van de Hooligans vormden een cordon om de punks op afstand te houden. Ik hoorde Scherf achter me kreunen van machteloze woede. Vanuit mijn ooghoek zag ik één van de skinheads over de rails naar het volgende perron rennen. Zoals zo vaak was de grootste het stel het eerste weg.

De hippiepunk bleef na alle trappen bewusteloos liggen en nu de bloeddorst bij de Hooligans los gekomen was wierpen ze zich op Peter maar die liet zich niet zomaar in elkaar trappen. Hij weerde de eerste vuistslag af en beukte op zijn aanvaller in met een welgemikte elleboogstoot naar het gezicht. Bloed spatte vanuit de neus van deze Hooligan op het perron en hij stortte jankend neer. Dat was het teken voor alle zes overige Hooligans om zich gezamenlijk op Peter te werpen. Scherf en ik stonden er als verlamd naar te kijken. De rest van de punks en skins waren opeens verdwenen; ze waren verder het perron op gerend. Er stond ons niets anders te doen dan Peter te ontzetten of ook te vluchten. Scherf rende al weg maar die actie werd mij gelukkig bespaard. Een donderende stem maakte op slag een eind aan het gevecht. Een enorme agent van de spoorweg politie stond opeens met getrokken pistool achter de Hooligans en bulderde: ‘Haut Ab!’ De Hooligans trokken zich onmiddellijk terug. De Nederlandse Hooligan wilde nog wat zeggen maar toen het pistool resoluut tegen zijn voorhoofd werd gezet maakte hij ook dat hij weg kwam. Peter en ik stonden verstomd naar de agent, die onze huid had gered, te staren en op dat moment liep de trein naar Dortmund het station binnen. Ik zag de spoorweg agent twijfelde even of hij ons zou ondervragen maar besloot dat het beter was om ons te laten gaan en zo alsnog een mogelijk bloedbad op zijn station te voorkomen. Met een knik van zijn hoofd maakte hij duidelijk dat we in moesten stappen. We zagen dat de anderen achterin de trein aan boord klommen. Zelfs de grote skin was er weer bij. Later vertelde hij dat de spoorweg politie hem het eerste had gepakt omdat hij illegaal het spoor overstak maar hij ze had weten te overtuigen dat hij met de dood bedreigd werd waarop de politie ons te gaan helpen. Peter en ik raapten de hippie punk die nog altijd bewusteloos op het perron lag op en sleepten hem de trein in.

Gered door een politieagent. Wat een afgang, wat een kutland.

Klik hier voor deel 5 (slot) van Duisterland

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 142 other followers

%d bloggers like this: