Skip navigation

Ik ben een boek aan het schrijven dat zich afspeelt in de punk/krakers scène van de jaren tachtig. Het boek begint vorm te krijgen maar zoals gebruikelijk is vallen er nogal wat spaanders in het schrijfproces. Dit zijn op zich leuke stukjes maar ze passen niet (meer) in het totaalconcept van het boek.

Omdat ik het zonde vind om ze weg te gooien zet ik ze op mijn blog als een soort teasers voor het boek. Ik zou het heel leuk vinden om feedback te krijgen dus schroom niet je mening over deze kleine hoofdstukjes te geven. Enjoy…

Over een Kam geschoren Deel 3

De dag daarop had ik een zware ketting van een fietsslot met een, al zeg ik het zelf, tamelijk ingenieus systeem met een haak aan mijn koppelriem vastgemaakt. De ketting zat om mijn middel en ik had een sterke veter aan de op vijf na laatste schakel geknoopt. Die veter liep door het zware slot van de ketting heen, waarvan ik de sleutel overigens al lang kwijt was, en hing aan een haak die ik met behulp van een blokje hout dat ik tussen de banden van de koppelriem had gestoken was bevestigd. Met een simpele ruk aan het uiteinde van de ketting schoot die van mijn middel en had ik een verdedigingswapen in mijn hand. Ik vertrouwde erop dat de afschrikking van het wapen genoeg was om ellendelingen als die kutpooier af te schrikken want een rake lel van die ketting op iemands zijn hoofd zou wel eens kunnen leiden tot een beschuldiging van poging tot doodslag.

Mijn haar groeit snel en een maand later was de kam al zo lang geworden dat Vincent hem smaller kon gaan scheren. Na de scheerbeurt probeerde ik de kam weer met zeep omhoog te zetten. Maar dat was echt niks. Er moest zoveel van dat spul in om de dunne kam omhoog te houden dat er zich een buitenlaag van zeep om het haar vormde. Het zag er niet uit en ik stonk naar de palmolive. Tot overmaat van ramp was ik een allergie tegen zeep aan het opbouwen, want ik had al een paar weken kleine blaasjes op mijn polsen. Precies op de plekken die ik niet goed afspoelde nadat ik mijn haar had verzorgd.

Het werd dus tijd om te experimenteren met andere middelen.

Haarlak viel als eerste af. Ik stak de moord in de wolken lak en het lukte me alleen met hulp van Vincent of een vriendinnetje om mijn kam met dat spul omhoog te krijgen. Ik snap dan ook niet hoe die hedendaagse punks het wel voor elkaar krijgen om hun kam met lak omhoog te zetten. De lak die tegenwoordig te koop is moet een stuk beter zijn dan die uit begin jaren tachtig. Maar het is ook opvallend dat je  tegenwoordig hanenkammenpunks die een relatie op de klippen zien lopen vaak met hun kam plat naar achter gekamd ziet rondlopen totdat ze een nieuwe vriendin hebben. Maar ik zall niet de Richard Attenborough uit gaan hangen wat het lokale wildlife betreft, dus markeer deze opmerking maar als onzin.

Suikerwater was de tweede optie en was ook compleet waardeloos. Als je van insecten, en vooral van wespen, houdt is suikerwater het middel voor jou. Daar kwam nog bij dat het bijna een half uur duurde voordat je genoeg suiker in water had opgelost om met de coiffure te beginnen. Ik was natuurlijk geen wijf of mietje die elke dag een uur voor de spiegel wil gaan staan.

De laatste optie die ik had was eiwit. Daar verwachtte ik echt niks van, maar ik had ergens gelezen dat als je de föhn op eiwit zette, het hard zou worden. Ik brak dus een eitje en zorgde zorgvuldig dat er geen eigeel in het papje terecht kwam want dat zou ongetwijfeld vreselijk gaan stinken. Ik klopte het spul een beetje los en smeerde het in mijn haar. Ik trok een pluk zo hard mogelijk omhoog en zette de föhn erop. De pluk bleef zowaar al na een paar seconden recht omhoog staan. Ik behandelde de rest van de kam op dezelfde manier en drukte alle haren daarna nog een keer extra aan met en smeerde nog een dun laagje eiwit erover en föhnde het meteen. Zowaar had ik in nog geen vijf minuten een perfecte kam staan. Misschien hielp het dat ik, voordat ik de föhn uitzette, de kraan van het fonteintje in mijn kamer beet pakte, omdat ik hem alvast open wilde draaien om mijn handen te gaan wassen, waardoor ik een opdonder van 220 volt door mijn lijf gejaagd kreeg. Maar niettemin was ie perfect.

Ik experimenteerde nog wat meer met die kam in het weekend. Het eiwit bleef reukloos maar ik ontdekte dat de substantie taaier werd als ik wat shampoo toevoegde. Eiwit had de neiging na een dag wat poederig te worden en dat voorkwam ik zo. Ook makkelijk was dat ik s’ morgens alleen de haren in mijn nek weer overeind hoefde te zetten; de kam bleef op de top, ook na het slapen, minimaal twee dagen goed overeind staan.

De zomer brak die week aan en ik ontdekte een klein nadeel van een kale hoofdhuid; verbrandingsverschijnselen. Soms maar op één helft van mijn hoofd omdat de kam de andere kant in de schaduw hield. Ik kreeg het voor elkaar om na een half uurtje in de zon bijna blaren op mijn kop te krijgen en moest daarom de hele dag zonnebrand op mijn hoofd smeren. Ik besloot voorlopig mijn hoofd niet meer te scheren. Dat kon ook bijna niet want ik stierf van de pijn zodra ik het scheerapparaat om mijn hoofdhuid zette. Dat was een groot nadeel maar ik ontdekte die dag dat er meer nadelen aan hanenkammen zaten, vooral aan hanenkammen die met eiwit omhoog gehouden werden.

Ik zat in de Engels les lekker in het zonnetje. Engels was als de makkelijkste taal in mijn lespakket en ik kon de tijd die meneer Thompson, onze leraar, gebruikte om de meeste van de leerlingen in zijn klas nog bij te spijkeren over grammatica besteden aan het lezen van 1984 van Orwell; een boek dat het onderwerp van mijn mondeling examen moest worden. Dat examen viel over vier weken. Ik zat aan het raam van de klas en het zonnetje scheen lekker. Er stonden intussen al flink wat stoppels op mijn hoofd dus hoefde ik niet meer bang te zijn voor verbranding. Mijn kop jeukte wel nog een beetje en ik pulkte zonder erbij na te denken een beetje aan mijn jeukende hoofdhuid terwijl ik volledig in beslag werd genomen door mijn boek. Opeens had ik een stukje hoofdhuid tussen mijn vingers. Nog altijd volledig door mijn boek opgeëist trok ik zachtjes aan het stuk huid en trok een strook van wel 5 bij 10 cm van mijn kop. De verbranding had gezorgd dat mijn huid ging schilferen. Maar het eiwit plakte alle losse stukje huid aan elkaar. Ik keek op van mijn boek en hield het stuk huid vol interesse voor mijn ogen. Ik zag alle kleine gaatjes waar een haartje door de huid had gestoken. Het was fascinerend. Ik leek wel een slang die aan het vervellen was. Ik werd uit mijn mijmeringen losgerukt door een ingehouden oprisping naast me. Karin, die een bank verder zat had de hele actie gezien en was zo geschokt dat ze op het punt stond te gaan braken. ‘Hier vangen’ zei ik zachtjes en gooide het stuk huid in haar richting waarop ze kreunend naar de toiletten rende.

Ik mocht de rest van de middag op de stoep van de school verder lezen. Ach, eruit gezet worden was niet echt een ramp. Ik moest alleen voor straf na schooltijd voor de vorm de conciërge een uurtje helpen vegen in de hal. Dat werd shag paffen en ouwehoeren want de goede man deed dat karwei liever zelf na een paar slechte ervaringen met mijn veegkunsten.

Advertenties

One Comment

  1. Zeldzaam boeiend verhaal. Ga je hier wellicht nog meer over schrijven? Ik ben sowieso erg verbaasd. Ga ongetwijfeld zo door!


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: