Skip navigation

Monthly Archives: mei 2015

Klik hier voor de korte versie op Zinesters

Ongereguleerde podia die zich onder de radar bevinden en zich weinig of niets van de bestaande regelgeving hoeven aan te trekken zijn de enige plekken die het predicaat ‘broedplaats’ verdienen. Dat zijn ze niet alleen voor lokale bands, maar ook voor toekomstige programmeurs, geluidsmensen en alle andere functies die een poppodium herbergt.
Elke opvolgende generatie lijkt het met het opzetten van dergelijke broedplaatsen moeilijker te krijgen maar desalniettemin komen er nog steeds, en gelukkig maar, overal op deze aardkloot mensen naar voren die het aandurven. De scene herbergt altijd een groepje mensen dat het op een bepaald moment zat is om te klagen “dat er niks te doen is”, de handschoen oppakken en het dan maar zelf gaan doen. Enthousiastelingen die nieuwe locaties opeisen of een oud podium nieuw leven inblazen en de zaken op hun eigen manier aanpakken.

Stoma6 ©DennisWisseWe leven in tijden waarin de bek van de overheid overloopt met de holle frase “dat ondernemers aan teveel regels gebonden zijn”, maar op de keper genomen geldt dat blijkbaar alleen voor multinationals, niet voor het midden en kleinbedrijf en al helemaal niet voor niet op winst gerichte initiatieven. Voor die laatste groep verzint men er maar wat graag nog wat regels bij met als doel ‘amateurs’ buiten de deur te houden.

Maar het soort mensen dat iets voor een undergroundscene wil organiseren wil helemaal geen ondernemer zijn. Een ondernemer weet dat er geen geld aan een underground podium valt te verdienen en die zal er dus niet eens aan beginnen.
En het initiatief zal ook juist niet van mensen moeten komen die een opleiding muziekmanagement hebben gevolgd. Die willen namelijk alles volgens voorgeschreven regels doen en zijn de eersten die afhaken. Bij zo’n opleiding opgedane kennis is allemaal leuk en aardig maar gaat totaal voorbij aan een belangrijk aspect dat alle fanatiekelingen die een eigen tent op zetten gemeen hebben en dat ze zelf het wiel uit willen vinden. Een groep fanatiekelingen heeft als een soort natuurwet een anarchistische inslag. Die gaan allerlei dingen proberen waarvan je van tevoren op een briefje kan geven dat ze gaan mislukken, maar als je ze hun gang niet laat gaan spat je groep sneller uit elkaar dan een zelfmoordenaar van IS.

055_img_3669Het is tegenwoordig steeds moeilijker een locatie te vinden waar je geen overlast veroorzaakt. De binnenstad is volgeplempt met koopwoningen en daarbuiten is het een factor tien moeilijker om publiek naar je tent te trekken. En door het kraakverbod wordt het er niet makkelijker op. Lange tijd was kraken in Nederland makkelijker en meer geaccepteerd daar waar ook ter wereld, nu is het precies andersom. Door de hier gangbare rigide stelling van “regels zijn regels” is kraken nu zo goed als onmogelijk geworden. Dat terwijl het in landen om ons heen, waar kraken nooit semilegaal is geweest, nog steeds mogelijk is een door een particulier opzettelijk leeg gehouden huis/loods/zaal in bezit te nemen en er een cultureel centrum van te maken. Tegenwoordig ben je zowat gedwongen tot een antikraak-constructie, dus ook al is de huur een stuk lager dan je normaal zou moeten betalen, het blijft een extra vaste last en erger nog; een paar klachten van omwonenden zijn genoeg om de antikraak organisatie koude voeten te laten krijgen en je contract op te zeggen.
Vroeger duurde het wat langer voordat je ontruimd werd en was er iets meer tijd om een reputatie op te bouwen. Een reputatie zorgt niet alleen voor meer publiek en beter band-aanbod, het zet je ook op de kaart bij het publiek en pers wat uiteindelijk deuren naar de politiek en ambtenarij kan openen. Wellicht zie je alleen natuurlijke vijanden in dat soort mensen maar uiteindelijk zijn het de enigen die je kunnen helpen zodra de buurt begint te morren of wanneer je toe bent aan een nieuwe locatie.

digital leather exit
Vaak zijn de publieksaantallen in undergroundpodia verrassend goed en komen er massa’s mensen op zo’n podium af. Er kan niet of nauwelijks aan promotie gedaan kan worden, want illegaal dus geen posters, flyers advertenties, maar mond op mond reclame, en tegenwoordig ook de sociale media, werken in dit geval op zijn best. Het komt allemaal super-sympathiek over al is de kans dat je tent nog geen half jaar zal bestaan levensgroot, maar dat trekt ook weer want je moet er geweest zijn voordat het verleden tijd is.
De eerste valkuil waar je voor komt te staan is dat je als initiatiefnemer ervoor moeten waken dat je zelf blijft bepalen hoe de tent georganiseerd wordt en dat je publiek dat niet gaat doen. Sluitingstijden moeten afgesproken worden en je moet jezelf eraan houden. Als je dat niet doet zit je na elke show tot ver na ochtendgloren met een stel zogenaamde ‘vrienden’ je biervoorraad te decimeren. En op een gegeven moment is er altijd wel iemand die zich afvraagt waarom er geen muziekje op kan en als die eenmaal klinkt kunnen jullie de volgende keer ook net zo goed nog wat meer bands neerzetten. Voor je het weet heb je tot 6 uur ’s ochtends programma en gaan de buren serieus plannen voor een lynchmob maken.
Als undergroundpodium loop je allerlei risico’s. Gebrek aan vergunningen en schijt aan verboden al rookverbod etc kan de teller van boetes etc snel doen oplopen. Geen omzet draaien is echter nog erger, want als je het bier bijna voor kostprijs verkoopt en de entreegelden naar de bandjes doet vloeien gaat ’t al snel mis met de vaste lasten.
Als je alcohol aan minderjarigen verkoopt, drugdealers hun gang laat gaan én gesnapt wordt dan hoef je natuurlijk er ook niet op te rekenen dat die antikraak organisatie nog een keer met je in zee gaat. En je hoeft dan ook niet bij de gemeente aan te kloppen voor enige vorm van steun . Andere podia zien je dan al gauw niet meer als waardevolle aanvulling van het culturele aanbod maar terecht als valse concurrentie.

The Phantom Four & The Arguido Foto_ Robert Tjalondo1Lang duurt zo’n locatie dus nooit maar een ervaring rijker gaat een klein deel van de durfals toch weer verder, heeft het één en ander geleerd over wat wel en wat niet werkt, houden zich iets meer aan bepaalde regels en doen op andere gebieden ook wat water bij de wijn.
Maar veel publiek naar een podium trekken waar geen entree geheven wordt maar om een donatie wordt gevraagd en bier een euro kost, daar is geen kunst aan. Dat is de uitdaging ook niet. De uitdaging is om genoeg publiek naar je podium te trekken dat wél bereid is om entree te betalen en een redelijke prijs voor een drankje. Uit die entreegelden en baromzet moet je namelijk de optredende bands een redelijke gage kunnen betalen en je vaste lasten ophoesten.

Doe je dat niet dan ben en blijf je afhankelijk van de goodwill van bands die gratis willen komen spelen, van een grote groep vrijwilligers die constant van samenstelling zal veranderen en van een (anti)kraakconstructie. Na een half jaar heb je alle kleine bands uit de omgeving in je tent gehad en die kan je keer op keer blijven neerzetten maar op een gegeven moment zal je merken dat je publiek alleen nog bestaat uit mensen die zelf ook in bands spelen en het heel leuk vinden om hun collega’s te steunen, maar het feit dat ze op komen dagen wel genoeg vinden en dus geen cent in je tent uitgeven
Tegelijkertijd geven al deze o zo arme studenten en werklozen tien keer zoveel uit aan de maandelijkse kosten van hun smartfoon dan aan uitgaan, want ja die hebben ze gewoon nodig en die krijgen ze niet gratis.
Je maakt jezelf op deze manier medeschuldig aan de devaluatie van muziek. De gages die bands krijgen staan steeds meer onder druk. Tien jaar geleden werd een gage van €200 als laag maar schappelijk gezien, nu moet je blij zijn als je als band nog €50 vangt. Daar huur je goddomme één keer een professionele oefenruimte voor.

Hetzelfde geldt voor personeel. Het wordt steeds normaler dat je werk waar je vroeger gewoon voor betaald werd als vrijwilliger moet gaan doen. Dat geldt zeker in de culturele sector waar bijna alleen nog vrijwilligers en stagiairs werkzaam zijn. Vroeger begon je als vrijwilliger en hadden de meest fanatieke van het clubje kans door te stromen naar betaald werk als barman, programmeur, kassamedewerker, stagemanager, coördinator etc. Mensen die zich voor een good cause helemaal de schompes willen werken zijn echt wel te vinden, maar ze houden het nooit lang vol want uiteindelijk moet bij hun thuis de schoorsteen ook blijven roken.The Phantom Four & The Arguido Foto_ Robert Tjalondo
Natuurlijk klinkt dit alles walgelijk kapitalistisch en dat is t ook maar alles wat gratis aangeboden wordt is waardeloos. Muziek wordt voor steeds lagere prijzen aangeboden door bijna wanhopige bands op zoek naar welke vorm van exposure dan ook. Het kost klauwen met geld om in een band te spelen en het levert geen ene donder op. Daarnaast zijn bekendheid en roem ook aan zware devaluatie onderhevig. Iedereen kan zijn 15 minutes of fame krijgen alleen trekt het allemaal geen belangstellenden meer aan. Probeer tegenwoordig nog maar eens een meisje te versieren met het verhaal dat je in een band zit, grote kans dat ze antwoord met “da’s leuk, ik ook!”

Als dat zo doorgaat wordt spelen in bands een bezigheid die alleen voor rich kids haalbaar is. En de beste muziek komt nu eenmaal niet van rijkeluis kindertjes, kijk maar naar al die weke zogenaamde Indie van tegenwoordig. Rich Kids hebben alles al en ontberen dus verlangens om over te zingen.

En dan heerst er ook nog de mythe dat je een goed podium met een interessante programmering kan voeren zonder subsidie van overheden of fondsen; een illusie die al jaren vanuit het rechtse spectrum van de politiek wordt gevoed. Het staat op hetzelfde niveau als het onvoorwaardelijke geloof in de vrije markt en het is complete bullshit. Als je vindt dat je met je podium een belangrijke service aan de maatschappij levert waarom zou je dan niet gesubsidieerd mogen worden? Alsof je jezelf moet schamen dat je een activiteit organiseert die zichzelf niet 100% kan bedruipen. Hier is het niet de uitdaging om je in allerlei bochten te gaan wringen en precies te gaan leveren waarvan je denkt dat het pegels op zal gaan leveren. Nee, hier moet je stronteigenwijs je eigen visie blijven pushen totdat je de ambtenarij en bovenal de politiek weet te overtuigen dat je gelijk hebt. Dat doe je door je ding te doen en te laten zien dat de manier waarop je het doet werkt. Probeer wel te voorkomen dat je niet volledig afhankelijk van subsidie en je daardoor jezelf in een te kwetsbare positie manoeuvreert. Kijk maar naar Roodkapje; pats boem weg!

saunawestdnl_8862Kunsten zijn altijd afhankelijk geweest van het mecenaat. Subsidies hebben voor een groot deel de aflaten van de rijken vervangen zodat ook kunst die voor deze groep niet zo interessant de mogelijkheid krijgt zich te ontwikkelen(popmuziek in tegenstelling tot bijvoorbeeld opera).  Alternatief is dat je jezelf compleet in de handen legt van sponsoren. Schrikbeeld is dat dit net zoals op SXSW uitloopt op een Chuck D die in een Dorito’s kraam staan op te treden. Dan schaam je jezelf toch een ongeluk?

We moeten allemaal echt superblij zijn dat er, ondanks dat ook in deze tijd de oudere generatie zucht over het gebrek van enig elan bij de jonkies, toch weer een groep jongeren is opgestaan die het traject van de oprichting van een eigen podium gaat afleggen. Natuurlijk was de eerste poging van korte duur en waren ze veel te ideëel en chaotisch, maar de volgende keer maken ze een giant leap forward, let maar op. En dan staan er de politici, ambtenaren en cultureel ondernemers weer met verbazing te kijken wat de power van muziek, jeugd en onvervalst anarchisme vermag.
Nawoord: en natuurlijk volgt ook op dit verhaal over pakweg een jaar of 20 een deel twee waarin geklaagd wordt over het vastgeroeste door regels vervormde culturele klimaat en behoren de initiatiefnemers van nu tot de gevestigde orde. En dan staat er weer een klein groepje op etc. Het aller grappigste van het verhaal is dat het elke keer weer spannend, grappig en bovenal urgent blijft. En nee geen kapitalisten/computer/nazi of reli-staat gaat daar wat aan veranderen.

%d bloggers liken dit: