Navigatie overslaan

Tag Archives: Horecanota

Ik heb vorige week de nieuwe horeca nota doorgelezen. Meer dan 100 pagina’s. Genoeg om een paar columns aan te wijden. Hier is de derde en laatste:

Uit de horecanota:

De vraag van bezoekers bepaalt uiteindelijk het aanbod van horeca, niet de wens van de gemeente. Wat de overheid wel kan doen, is voorwaarden scheppen voor goede vestigingsmogelijkheden voor horeca door in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en deze waar mogelijk te stimuleren en te faciliteren. Daarbij wordt vertrouwen en ruimte gegeven.

Dit gelezen vraagt ik me af waarom er zoveel  podia verdwenen zijn en op het punt staan te verdwijnen. Dat er veel behoefte aan podia is staat buiten kijf. En over welke ‘voorwaarden voor goede vestigingsmogelijkheden’ hebben ze het nou? Laat de gemeente eerst een wat doen aan het feit dat het O.B.R. horecapanden voor schandalig hoge prijzen verhuurd.  Panden die daarnaast niet eens voldoen aan de geluidsoverlastnormen die dezelfde gemeente aan de horeca/podia oplegt.

Kijk eens hoeveel geld er de laatste paar jaar de Maas in is geflikkerd: Watt, Waterfront, De Nieuwe Oogst. Allemaal projecten waar miljoenen in zijn verdwenen. Zelfs Worm waar vorig jaar zoveel geld in is gestoken staat nu al op de nominatie om opgedoekt of op zijn minst vleugellam gemaakt te worden. (Ik hoorde dat Worm áls ze open kunnen blijven geen geld meer over gaat houden om te programmeren? ) Tenten als Worm, waar creatievelingen graag komen, worden bij het minste geringste opgedoekt. Dat terwijl er wel eerst 1 ½ miljoen aan een verbouwing is uitgegeven. Van dat geld hadden ze Exit trouwens 15 jaar kunnen laten bestaan, en met een ruim budget!!

Dat alles roept de vraag op waarom er niets gedaan wordt aan het feit dat er altijd zo achterlijk veel  geld vóór de opening in tenten gestopt moet worden. Dat wordt heus niet alleen gedaan om aan de regels voor geluidsoverlast te kunnen voldoen. Nee, het moet allemaal groots en prestigieus opgezet worden. Alsof jongeren niet uit willen gaan in tenten die geen architectonisch hoogstandje zijn of waar het kille design je niet toelacht. Ik vond persoonlijk tenten waar alles een beetje houtje touwtje was, zoals de Vlerk vroeger, juist des te leuker.

Verder lijkt het me juist slim om tenten zichzelf eerst te laten bewijzen om er daarna zo nodig wat meer geld in te stoppen. En dan eens niet meteen in groots opgezette nieuwbouw maar in andere/betere faciliteiten.

Om af te sluiten nog wat losse opmerkingen op onderdelen uit de horecanota:

Een onderzoeksbureau heeft het verband tussen het gebruik van alcohol en uitgaansgeweld onderzocht? Eehhh?

Horeca gelegenheden krijgen vanaf volgend jaar 12 verlaatjes i.p.v. 10. Ze kunnen dus per jaar twaalf maal tot maximaal 7 uur ’s nachts open blijven. Alleen jammer dat er een andere kant  van de medaille is: als een kroeg een verlaatje inzet betekent dat niet meer dat er meer lawaai geproduceerd mag worden. Maar laat dat nou net het onderdeel zijn waar horeca ondernemers echt wat aan hadden. Want een verlaatje wordt vooral ingezet als er live muziek geprogrammeerd is. Een verlaatje hield altijd in dat het geluidsniveau ook omhoog kon en daarom minder kans op geluidsoverlastklachten via de milieudienst en minder kans op een daarop volgend bezoek van de politie. Dat was een stuk belangrijker dan het langer open kunnen blijven.

Ik snap best dat geluidsoverlast zwaar klote is. Opvallend is dat er vaak bij tenten met een nachtvergunning niet of nauwelijks gehandhaafd wordt op overlast van na sluitingstijd vertrekkende bezoekers. Na 6 uur heeft de kit daar geen mankracht voor zodat bij het uitgaan van die kroegen stomdronken idioten met de auto stereo op tien en die vergrote uitlaten van ze er drie kwartier over doen om even weg te rijden.

Maar als een kroeg een bandje heeft staan zijn ze er als de kippen bij. Ik heb gevallen meegemaakt waarbij de politie 10 minuten na aanvang van een band al op de stoep stond. Terwijl dat procedureel onmogelijk is! Een geluidsoverlastklacht komt via de centrale bij DCMR, die belt de zaak waarover geklaagd wordt zodat de baas maatregelen kan nemen. Pas bij een tweede melding wordt de politie erop afgestuurd.

Maar ze weten best wel waar de schoen wringt:

uit de nota:

Duidelijke overheid

Ondernemers geven aan dat vanuit de gemeente Rotterdam meerdere plannen en doelstellingen worden nagestreefd. Dit maakt het soms onduidelijk wat nu wel en wat niet kan. Bijvoorbeeld: afdelingen die zich bezig houden met economie en marketing juichen bepaalde initiatieven toe. Dan blijkt echter het vergunning- en/of handhavings-beleid hier niet op aan te sluiten. Ondernemers pleiten daarom voor duidelijke regels aan de voorkant en voldoende flexibiliteit voor nieuwe initiatieven. Zij geven aan nogal eens ‘van het kastje naar de muur’ gestuurd te worden op het moment dat zij een nieuw initiatief bij de gemeente willen introduceren. De gemeente kent vele ingangen, maar wie is nu verantwoordelijk?

De gulden middenweg

Uiteindelijk komt alles neer op keuzes. En het jammerlijke is dat die niet gemaakt worden. Er wordt altijd een halfbakken compromis gevormd waardoor niemand blij is; bewoners die overlast hebben niet en uitgaanspubliek dat het aanbod in de stad ziet verschralen en zich overmatig gecontroleerd voelt ook niet.

Voor de zoveelste keer dus: stel een uitgaanssector in het centrum in en geef bewoners die niet tegen nachtelijk uitgaansgeluid kunnen vervangende woonruimte in een rustige randgemeente.

Kost ook wat investering, maar dan heb je uiteindelijk een uitgaansleven waar wat mee kan.

Advertenties

Ik heb deze week de nieuwe horeca nota 2012-2016 doorgelezen. Meer dan 100 pagina’s. Genoeg om een paar columns aan te wijden. Hier is de eerste:

Een woord dat opvallend veel in de horecanota voor komt: kwaliteitshoreca. Maar wat wordt er nu precies bedoeld met kwaliteitshoreca ?

De horeca nota 2012-2016 ademt één overduidelijke ambitie: de horeca aan te passen naar de wensen van ‘de zakelijke markt’.  Volgens de gemeentelijke plannen moet de horeca zich meer en meer naar de wensen van één soort klant gaan richten en dat is de yuppie.  De stad moet blijkbaar vol gebouwd worden met grand cafés, bistro’s en restaurants op loopafstand van elke nieuw yuppenflat en ze moeten er gelikt uit zien en bovenal lekker duur zijn.

Nog altijd doet het grote idee-fixe dat er in grote getale hoger opgeleiden naar de stad getrokken kunnen worden als er maar veel (dure) woonruimte naar de smaak van de rijkere klasse neergeplempt wordt en er op elke straathoek een grand café verrijst.

Ga voor de grap eens een paar van die nieuwe yuppenflats langs; bijvoorbeeld die langs de markt bij de Laurenskerk.  Fijne appartementjes van ongeveer €500.000 per stuk. Ongeveer een kwart van die appartementen staat leeg! Dat terwijl er nog altijd een tekort aan betaalbare woonruimte is.

De paragraaf ‘gebiedsgerichte horeca’ klinkt alsof het nodig is bepaalde soorten horeca in bepaalde gebieden te concentreren. Dat doet mij afvragen of het de bedoeling is dat er een soort yuppie enclave wordt gemaakt waar de hoogopgeleide en sophisticated yuppie gezellig onder elkaar kan recreëren, goed bewaakt en voorzien van alle mogelijke luxe.

Maar er is natuurlijk geen yup te vinden die in een stad wil wonen waar het barst van de laagopgeleide hangjongeren. Hangjongeren die overal zichtbaar dreigend aanwezig zijn, lawaai maken bij het uitgaan en winkels gaan plunderen als ze uit een tent gegooid worden. Rotterdam is nog altijd de stad met gemiddeld de jongste bevolking van Nederland. Maar voorzieningen voor jongeren zijn schaars en er meestal alleen op gericht om jongeren op bepaalde plekken te concentreren, in de gaten te houden en te proberen ze ‘manieren’ bij te brengen. Geen wonder dat er onder jongeren weinig enthousiasme voor dat soort projecten is.

Er is in deze nota sprake van een toezichtsmodel op 3 niveaus: basis, middel en aandachtsniveau. Als je het mij vraagt komt dat neer op: niets doen (in de yuppen enclaves), zichtbare politie inzet (daarbuiten) en shoot at will (in de jongerengebieden). Dus zet ergens in een verafgelegen havengebied wat smoezelige tenten neer voor de jeugd. Dan kunnen ze daar dan de hele nacht zoeklichten op richten, wat experimentele drones de boel van bovenaf in de gaten laten houden en politieagenten af en toe wat schietoefeningen laten doen. Uit het zicht en uit het hart (van de stad).

Rotterdam is altijd een working-class stad geweest en de gemeente doet nu alsof we ons daarvoor moeten schamen. In de visie van het huidige stadsbestuur zijn lager opgeleide mensen een risicofactor die allerlei ellende aantrekt: werkloosheid, huiselijk geweld, tienermoeders, maar bovenal overlast. Intussen wordt voor het gemak vergeten dat het juist die laagopgeleiden zijn die ervoor zorgen dat de grote motor van de economie blijft draaien; de Rotterdamse haven. In plaats dat ze trots zijn om het feit dat Rotterdam een arbeidersstad is doen ze er alles aan om van dat imago af te komen en gaan ze blindelings door met voorzieningen scheppen voor hoogopgeleiden, die hier (nog) niet wonen, terwijl de eigen jeugd zich de tandjes verveelt en maar thuis blijft hangen en met een goedkope krat pils tot de volgende generatie (verborgen) alcoholici gevormd wordt.

Deze column verscheen ook op Vers Beton

%d bloggers liken dit: